Doelgroep
Leerlingen van 12 tot 20 jaar van wie verwacht wordt dat zij na het RC uit zullen stromen naar vervolgonderwijs. Leerlingen die onderwijs geboden krijgen op het RC worden veelal overvraagd binnen het reguliere onderwijs op didactisch, sociaal-emotioneel en/of gebied van leervaardigheden.

Veelal sprake van een combinatie van (een deel van) de volgende kenmerken:
- Informatieverwerkingsproblemen – de manier waarop informatie verwerkt wordt is veelal anders, van het moment van binnenkomst van prikkels/informatie tot integratie en interpretatie van de informatie.
- Overzichts- en inzichts-problemen, binnen taak, ruimte, tijd en sociale context
- Problemen in de executieve functies – te denken aan aandacht, concentratie, het plannen, organiseren en uitvoeren van taken en gedrag
- Prikkelgevoeligheid – zintuiglijke prikkels komen veelal met een andere intensiteit binnen dan de meesten van ons gewend zijn – versterkt of gedempt.
- Problemen in het sociale functioneren – sociaal inzicht en vaardigheden kunnen zwak(ker) ontwikkeld zijn.
- Emotionele problematiek – te denken aan angst- en stemmingsproblematiek, maar ook het ervaren van spanning.
- Moeite met het vinden en behouden van een goede balans tussen draagkracht en draaglast – de prikkels, taken en eisen die binnen een (reguliere) schoolcontext vragen dermate veel van de leerling dat er sprake is van overvraging, met als gevolg een toename aan problematiek.
Diagnostische beelden die we bij veel van onze leerlingen zien zijn ASS, ADHD, stemmingsstoornissen, angststoornissen, hechtingsproblematiek, trauma en beelden die passen bij beginnende persoonlijkheidsproblematiek. Hierbij is er vaak sprake van co-morbiditeit al dan niet met leerstoornissen.